Valpreventie in ontmoetingscentrum voor ouderen met dementie

Valpreventie bij ouderen met cognitieve stoornissen

Valpreventie krijgt veel aandacht in Amsterdam. Onder het motto ‘Laat je niet vallen’ is de gemeente al jaren actief op dat gebied. Toch leek er nog onvoldoende oog voor een specifieke doelgroep: ouderen met dementie. Hoe bereik je ouderen uit deze doelgroep? En hoe houd je ze bij de les als je ze gevonden hebt? Een ontmoetingscentrum voor ouderen met dementie bleek een goede plek om te beginnen.

Aanleiding

‘In 2040 leiden alle ouderen een vitaal en betekenisvol leven in een vertrouwde omgeving. Ongeacht hun achtergrond, inkomen en behoefte aan ondersteuning.’ Dat is een van de ambities van A’dam Vitaal & Gezond, een samenwerkingsverband tussen de gemeente Amsterdam, een zorgverzekeraar, een cliëntenvereniging en twee samenwerkingsorganisaties voor zorg. Binnen deze ambitie richt A’dam Vitaal & Gezond zich onder andere op valpreventie en dementie, vertelt GGD-adviseur Marjo de Vet: ‘We weten dat ouderen met dementie veel meer kans hebben op vallen. Ook vanuit het veld en de stadsdelen komt steeds vaker de vraag of wij voor deze groep een aanbod hebben.’

Aanpak

Namens de GGD ging Marjo op zoek naar een passend valpreventieprogramma, een geschikte uitvoerder en deelnemers uit de doelgroep: 

  • Marjo deed een beroep op het Amsterdamse dementienetwerk: ‘In dit netwerk spreek ik netwerkpartners uit zorg en welzijn die zich inzetten voor ouderen met dementie. Zij kennen de doelgroep als geen ander en zijn goed in staat om mee te denken.’ 
  • De GGD koos ervoor om een pilot uit te voeren met het Huis van de Tijd, een ontmoetingscentrum voor ouderen met dementie. In het Huis van de Tijd zijn mensen met dementie altijd welkom voor een kop koffie en een gesprek. Daarnaast zijn er dagelijks activiteiten, zoals een gezamenlijke lunch of muziekgroepen. 
  • Marjo betrok fysiotherapeut Tanja Lith bij het project. Zij is instructeur voor In Balans en Otago, twee veel toegepaste valpreventieprogramma’s. Marjo: ‘We kwamen tot de conclusie dat de In Balans-oefeningen het beste aansloten bij de doelgroep in het Huis van de Tijd.’
  • Tanja besprak met de leidinggevende van het Huis van de Tijd welke deelnemers geschikt waren voor deelname: ‘Het is belangrijk dat deelnemers begrijpen wat het doel is, dat er interactie mogelijk is en dat ze de oefeningen veilig in een groep kunnen uitvoeren. De leidinggevende heeft vervolgens mensen gepolst en uitgenodigd om zich aan te melden.’ 
  • Tijdens een informatiebijeenkomst heeft Tanja geïnteresseerde ouderen verteld wat het programma inhoudt. Met alle deelnemers heeft ze het aanmeldformulier voor In Balans ingevuld. Op dit formulier staan vragen om het valrisico in te schatten. 

Betrokken partijen:

  • GGD
  • Fysiotherapeut / instructeur In Balans en Otago
  • Ontmoetingscentrum voor ouderen met dementie
Resultaat

Het programma bestond uit 12 lessen, waarvan 2 informatiebijeenkomsten en 10 beweegtrainingen. Tanja: ‘Uit onderzoek is bekend dat een beweegprogramma minimaal 3 maanden moet duren om effect te hebben. Het resultaat is op korte termijn lastig te meten, maar de deelnemers waren heel enthousiast. Ze lieten na afloop weten echt het gevoel te hebben dat ze steviger op hun benen staan.’ 

Tanja merkte dat vooral gezamenlijke oefeningen aansloegen bij de deelnemers. ‘We hebben bijvoorbeeld verschillende oefeningen op basis van tai chi gedaan. Daar reageerden ze heel goed op.’ Marjo noemt nog een ander effect: ‘Het Huis van de Tijd liet ons weten dat de deelnemers na afloop in beweging blijven. Dat is een belangrijk resultaat. We stimuleren dit vaak door het beweegaanbod in de wijk te presenteren. Het Huis van de Tijd biedt zelf verschillende beweegactiviteiten aan. Zoals ‘Tai chi’ op maandag, ‘Gymnastiek en balans’ op dinsdag en een wandelclubje: elke vrijdag is hond Beer in het huis en gaan ouderen een uurtje samen wandelen om hem uit te laten.’ 


Inzichten

Marjo en Tanja delen graag de belangrijkste succesfactoren en aandachtspunten:

  • Een belangrijke succesfactor in de voorbereiding was de nauwe samenwerking met het Huis van de Tijd. Marjo: ‘Het Huis is een ideale plek om de doelgroep te vinden. De begeleiders kennen de doelgroep goed en dachten graag mee over vragen als ‘Welke plek is geschikt?’ Of: ‘Hoe houd je de aandacht vast?’ Een ander voordeel bleek dat deelnemers al naar het Huis van de Tijd komen vanwege andere activiteiten. Dat houdt de drempel laag.’
  • Je moet als trainer flexibel ingesteld zijn, merkte Tanja. ‘Het tijdbesef is laag onder deze doelgroep. De eerste bijeenkomsten was iedereen op tijd maar na een paar weken vielen deelnemers binnen nadat we al begonnen waren. De eerst les begon ik met koffie, waardoor veel tijd verloren ging. Daarom hebben we het koffiemomentje naar voren geschoven: een halfuur voordat de les begint.’
  • Voor een optimaal effect is het belangrijk dat deelnemers thuis oefenen. Marjo: ‘Het is fijn als iemand ze thuis aan de oefeningen herinnert en begeleiding biedt.’ Tanja: ‘We hebben informatie voor mantelzorgers meegegeven: korte beschrijvingen van In Balans-oefeningen met duidelijke foto's. We willen gaan kijken hoe we mantelzorgers nog beter kunnen betrekken.’
  • Tanja merkte tijdens de training dat de aandacht sneller verslapt dan bij andere doelgroepen. ‘Daarom beperkte ik me steeds heel duidelijk tot één taak per oefening. Het is belangrijk dat die taak voor iedereen uitdagend is. Dat is soms best lastig want de verschillen tussen deelnemers zijn groot. Ik loste dat op door oefeningen eerst voor te doen met een deelnemer die er relatief weinig moeite mee had. Daarna liet ik hem andere deelnemers helpen bij de oefening. Dat was voor iedereen leuk.’

Meer over onderwerpen:

Meer voor werkvelden: