Blessures door veldvoetbal

Voetbal is de populairste verenigingssport in Nederland. Ruim een miljoen voetballers zijn lid van de KNVB en staan wekelijks op het veld. Geen wonder dus dat daar ook de meeste blessures worden opgelopen. Bijna een derde van alle blessures die in 2017 tijdens het sporten ontstonden, kwam op het conto van veldvoetballers.

Voetballers lopen jaarlijks ruim één miljoen blessures op tijdens hun sport. De meeste geblesseerde voetballers in 2017 waren mannen in de leeftijd van 18 tot en met 34 jaar (39 procent), maar ook in de leeftijd 4 tot en met 17 jaar raakten veel voetballers geblesseerd (31 procent). Bijna 9 op de 10 geblesseerde voetballers waren mannen. Geblesseerde voetbalsters waren relatief jong: van de voetballende vrouwen met een blessure waren er zes op de tien jonger dan 18 jaar.

Status

Afgerond

Onderzoek type

Cijferrapportage

Publicatiedatum: 1-11-2018

SEH-behandelingen

In 2017 vonden 33.800 behandelingen plaats op de Spoedeisende Hulp (SEH) van een Nederlands ziekenhuis vanwege een veldvoetbalblessure. Dit was 29 procent van alle SEH-bezoeken voor een sportblessure, waarmee voetbal de sport is met de meeste blessures. Maar als we deze blessures verrekenen met het aantal uren dat er gevoetbald wordt, dan zien we dat veldvoetbal- met 0,16 SEH-bezoeken per 1.000 uur – op de vijfde plek staat van meest risicovolle sporten.

Dalende trend

Het aantal SEH-bezoeken door veldvoetbalblessures daalt al enige tijd: in de periode 2008-2017 nam het aantal SEH-bezoeken voor ernstige voetbalblessures met 18 procent af. Dit is in lijn met de algemene trend in SEH-bezoeken voor ernstige sportblessures: -15 procent. In deze trend is geen rekening gehouden met veranderingen in het aantal uren veldvoetbal in diezelfde periode. Wel is bekend dat het ledental van de KNVB in de periode 2014-2017 vrijwel stabiel was, wat betekent dat ook de kans op een ernstige blessure door voetbal lijkt af te nemen. De kans - per 1.000 uur voetbal - op een blessure was in 2017 het grootst voor de groep 18-34 jarigen, en in het algemeen voor vrouwen dubbel zo groot als voor mannen.

Oorzaken voetbalblessures

Oorzaken van voetbalblessures zijn divers. De helft van de voetballers die met een blessure op de SEH- kwamen raakte geblesseerd door een val, vaak door verzwikken (13 procent). Een kwart (24 procent) liep de blessure op door lichamelijk contact, vaak door een schop (9 procent), soms ook een botsing (2 procent). Achttien procent kwam in contact met een object, meestal een bal (14 procent) ). Voetballers van 18-34 jaar raakten relatief vaak geblesseerd door lichamelijk contact, jonge voetballers onder de 18 jaar vaker als ze geraakt werden door de bal.

Letsels

In bijna de helft van de SEH-bezoeken voor een voetbalblessure was sprake van een fractuur, vaak een polsfractuur (13 procent) of een fractuur van de hand of vingers (10 procent). Ook verzwikte of verstuikte enkels (8 procent) kwamen veel voor. Vooral de jongste voetballers liepen polsfracturen op, terwijl oudere voetballers relatief vaak met blessures aan het been, de enkel of de voet op de SEH kwamen.

Ruim vier op de tien voetbalblessures op de SEH werden beoordeeld als een ernstige blessure. Twee procent (500) van de voetballers bezocht de SEH vanwege een hersenschudding. Naar schatting enkele tientallen voetballers liepen ernstig schedel-of hersenletsel op. Met zo’n 600 SEH-bezoeken vanwege hersenletsel was veldvoetbal de sport met het grootste aantal hersenletsels, nog voor paardensport (500) en wielrennen (500). Ook dit komt voornamelijk door het groot aantal voetballers in Nederland. Gecorrigeerd voor het aantal gesporte uren is de kans op hersenletsel namelijk aanzienlijk groter tijdens wielrennen (0,0097 hersenletsels per 1.000 uur) en paardensport (0,0089) dan tijdens veldvoetbal (0,0028).

Kosten van voetbalblessures

De directe medische kosten van veldvoetbalblessures, waarvoor een sporter dus behandeld is op een SEHen/of is opgenomen in een ziekenhuis, bedroegen in 2017 € 35 miljoen. Gemiddeld kostte een voetbalblessure € 1.000. De gemiddelde kosten verschillen sterk per type blessure. Een fractuur van het onderbeen (€ 2.900) kost bijvoorbeeld veel meer dan de behandeling van een verzwikte enkel(€ 700) of een polsfractuur (€ 800). Door het groot aantal polsfracturen dat door veldvoetballers wordt opgelopen is dit type blessure wel verantwoordelijk voor de hoogste totale medische kosten, namelijk € 3,8 miljoen, omgerekend elf procent van de totale kosten. Fracturen van de hand of vingers zorgen voor 10 procent van de totale directe medische kosten door veldvoetbalblessures (€ 3,6 miljoen).

Naast de directe medische kosten zorgen veldvoetbalblessures ook voor maatschappelijke kosten, denk bijvoorbeeld aan arbeidsverzuim. In 2017 bedroegen deze verzuimkosten, dus door blessures waarvoor een voetballer op een SEH-afdeling werd behandeld en/of in het ziekenhuis werd opgenomen, 41 miljoen Euro.

Samenwerken op dit onderwerp?

Meer over onderwerpen:

Meer voor werkvelden: