
Veel gestelde vragen over veilig slapen
Veilig slapen is een onderwerp waar zowel ouders als professionals veel vragen over hebben. Hieronder vind je de meest gestelde vragen die voor jou als professional relevant zijn, met daaronder onze antwoorden en adviezen. Mis je nog een vraag? Laat het ons hieronder weten!
Slaapzakken, inbakeren en beddengoed
Ja. Zodra een baby beweeglijker wordt, vaak al binnen een paar weken, is een goed passende babyslaapzak de veiligste optie. Extra beddengoed is dan niet meer nodig. Met alleen een slaapzak aan kan de baby niet met het hoofdje onder het beddengoed terechtkomen en komt de baby ook niet bloot te liggen.
Kies een babyslaapzak die goed past. De hals- en armsgaten moeten goed aansluiten, zodat de baby niet in de slaapzak kan zakken. De slaapzak sluit met een rits van de hals naar de beentjes en heeft geen (druk)knoopjes op de schouders.
Stem de dikte van de slaapzak af op de temperatuur van de slaapkamer en de kleding van de baby.
Dat hangt niet zozeer af van de leeftijd, maar van de ontwikkeling van de baby. Zodra een baby beweeglijker wordt en zich in bed gaat verplaatsen, vaak al binnen enkele weken, is een slaapzak veiliger.
Een inbakerslaapzak is niet hetzelfde als een inbakerdoek. In een inbakerslaapzak zitten de armen van de baby in de slaapzak, maar niet strak langs het lichaam zoals bij inbakeren het geval is. De stof van een inbakerslaapzak is vaak losser en elastischer, waardoor een baby soms voldoende bewegingsruimte heeft om naar de buik te draaien. Omdat de armen niet goed gebruikt kunnen worden, kan het moeilijk zijn om terug te draaien.
Gebruik daarom geen inbakerslaapzak bij een baby ouder dan 3 maanden. Stop eerder als een baby al begint met draaien.
Ook bij een Love to Dream-slaapzak kan een baby de armen niet vrij bewegen. Dat wordt een risico zodra een baby probeert om te rollen. Een baby kan dan mogelijk wel naar de buik draaien, maar de armen niet goed gebruiken om weer terug te rollen.
Daarom adviseren we een slaapzak waarin de armen vrij kunnen bewegen. Gebruik een inbakerslaapzak in ieder geval niet meer bij een baby ouder dan 3 maanden en stop eerder zodra een baby probeert om te rollen.
In de kraamperiode adviseren we om nog niet in te bakeren. Het is belangrijk om de baby eerst te leren kennen en in te zetten op regelmaat, rust en minder prikkels.
Als dat na de kraamperiode onvoldoende helpt, kan inbakeren worden overwogen. Doe dit op de juiste manier en bij voorkeur met deskundig advies. Bouw inbakeren vanaf 4 maanden af en stop uiterlijk bij 6 maanden, of eerder zodra een baby probeert om te rollen.
Een dekbed is te warm voor een baby. Het bestaat uit meerdere lagen materiaal en wordt meestal ook nog gebruikt met een dekbedhoes. Omdat warm toedekken een risicofactor is voor wiegendood, raden we een dekbed af.
Daarnaast is een dekbed lastig strak in te stoppen. Daardoor kan een baby gemakkelijker onder het beddengoed terechtkomen en minder goed ademhalen.
Vanaf 2 jaar is het risico op wiegendood geweken en kan een kind onder een dekbed slapen.
Babykleding, slaapzakken en dekens verschillen in warmte. Dat kun je zien aan de TOG-waarde (Thermal Overall Grade). Hoe hoger de TOG-waarde, hoe warmer de kleding of het beddengoed. Hoe lager de TOG-waarde, hoe koeler. De TOG-waarde staat meestal op het label.
De beste temperatuur voor de slaapkamer van een baby is 16 tot 18 °C. In onze tabel op Kinderveiligheid.nl zie je welke combinatie van kleding en slaapzak je bij verschillende temperaturen kunt gebruiken. Tel hiervoor de TOG-waardes van de kleding en slaapzak bij elkaar op. Let op: de TOG-waarde geldt alleen voor binnen.
De beste manier om te controleren of een baby het aangenaam heeft, is door met de bovenkant van je vingers aan de achterkant van het nekje te voelen. Voelt het nekje lauw aan? Dan is het goed.
Een hydrofiele doek kan onder een jonge baby worden gelegd om spuug op te vangen. Zorg dat de doek strak en glad onder de baby ligt, stevig ingestopt is en niet los kan komen.
Gebruik een hydrofiele doek niet los in het bedje als knuffeldoek. De doek kan dan over het gezicht komen te liggen en de ademhaling belemmeren.
Gebruik de hydrofiele doek alleen zolang een baby nog weinig beweegt en de doek strak op zijn plek blijft liggen. Zodra een baby beweeglijker wordt, kan rollen of de doek zelf los kan trekken, is het veiliger om de doek uit het bedje te halen. Het bedje blijft bij voorkeur zo leeg mogelijk.
Een klein, dun knuffeldoekje zonder vulling kan in het bedje. Het doekje moet zo klein zijn dat het, wanneer de baby het op het gezicht legt, niet rondom het hoofdje het matras raakt. Anders kan er een ruimte ontstaan waarin uitgeademde lucht blijft hangen.
Gewatteerde, kussenachtige materialen en grotere knuffels worden vanwege het risico op wiegendood afgeraden in een babybedje.
Slaaphouding en omrollen
Leg een baby altijd op de rug te slapen. Zodra een baby meer gaat bewegen, heeft een goed passende babyslaapzak de voorkeur.
In deze fase kan het helpen om over de slaapzak een strak ingestopt laken te gebruiken om de baby rustig op de rug te laten slapen. Maak het bedje kort op, met de voetjes bij het voeteneind.
De fase waarin een baby leert omrollen van rug naar buik vraagt om extra aandacht. Vooral als een baby wel naar de buik kan rollen, maar nog niet goed terug kan draaien, is het risico verhoogd.
Leg de baby daarom bij ieder slaapje op de rug en draai de baby terug als deze zelf op de buik is gerold. In deze fase kan het helpen om over de slaapzak een strak ingestopt laken te gebruiken. Maak het bedje kort op, met de voetjes bij het voeteneind.
Adviseer ouders om overdag, als de baby wakker is, regelmatig het rollen en de buikligging te oefenen onder toezicht. Zo ontwikkelt de baby de motoriek die nodig is om ook terug te kunnen draaien.
Kan een baby uiteindelijk vlot van rug naar buik én weer terug rollen? Dan hoeft de baby niet meer teruggedraaid te worden en mag de baby zelf de slaaphouding bepalen.
Bedjes, matrassen en co-sleepers
Nee. Kies een co-sleeper met ventilerende zijwanden, bijvoorbeeld van gaas, en zonder dikke, zachte of gewatteerde randen. Deze kussenachtige materialen kunnen de ademhaling belemmeren als een baby er met het gezicht tegenaan komt te liggen.
De co-sleeper moet daarnaast stevig aan het ouderlijk bed bevestigd kunnen worden en er mag geen opening tussen beide bedden ontstaan. Ook is het belangrijk dat het bedje aan de kant van het ouderlijk bed een opstaande zijde heeft die open en dicht kan.
Dat hoeft geen probleem te zijn. Het matras van een co-sleeper moet juist minimaal 12 centimeter lager liggen dan het matras van het ouderlijk bed. Zo verklein je de kans dat de baby in het ouderlijk bed rolt.
De co-sleeper moet ook niet te laag staan, omdat het dan moeilijker wordt om de baby in en uit het bedje te halen. Zorg daarnaast dat de co-sleeper stevig bevestigd is. Als ouder en baby slapen, moet de zijwand volledig omhoog staan.
Het matras moet vlak en stevig zijn en goed in het bedje passen. Er mag geen ruimte zitten tussen het matras en de zijwanden. Ook moeten de bedbodem en zijwanden goed ventileren.
Nee. Een extra matras in een campingbedje is niet veilig. Er kan ruimte ontstaan tussen het matras en de flexibele zijwand van het bedje. Een baby kan daartussen terechtkomen en daardoor niet goed ademhalen.
De flexibele zijwand is juist de reden waarom campingbedmatrasjes zo dun zijn. Zo kan een baby tijdens het slapen bewegen en draaien zonder tussen het matras en de wand terecht te komen.
Een matrozenbedje is een manier van opmaken waarbij het lakentje als een soort envelop wordt gevouwen. Hierdoor kan het bedje hoger worden opgemaakt, terwijl de baby niet onder het beddengoed kan raken.
Het is belangrijk om deze methode goed toe te passen en de gebruiksaanwijzing te volgen. Zodra de baby sterker en beweeglijker wordt, kan de baby verstrikt raken in het laken. Op dat moment adviseren we een slaapzak, eventueel in combinatie met een kort en strak opgemaakt laken en deken.
Laat beide baby's in een eigen bedje slapen. Tweelingen hebben een verhoogd risico op wiegendood en samen in één bed slapen geeft extra risico zodra ze beweeglijker worden en tegen elkaar aan kunnen rollen.
De twee bedjes kunnen wel naast elkaar staan, zodat de baby's dichtbij elkaar zijn en elkaar kunnen zien.
Andere slaapplekken
Niet als vaste slaapplek. Een kinderwagenbak hoeft wat betreft bijvoorbeeld luchtdoorlating aan minder eisen te voldoen dan een wieg, ledikant of campingbed. Bovendien zijn de opstaande zijden vaak gevuld en kussenachtig.
Een kinderwagen is bedoeld om buiten mee te wandelen. Dan kan een baby prima in de kinderwagenbak slapen. Er is voldoende frisse lucht buiten en omdat je achter de wagen loopt, is er voldoende toezicht.
Voor bijvoorbeeld vakantie of logeren adviseren we een geschikt campingbedje dat voldoet aan de Europese norm EN 716.
Ja. Een baby kan buiten slapen. Hiervoor bestaan speciale buitenslaaphuisjes waarin een matrasje past. De voorzijde is voorzien van horrengaas, zodat insecten, katten en honden niet bij de baby kunnen komen.
Zodra een kind probeert te gaan staan, kun je het huisje beter niet meer gebruiken. Het kind kan dan tegen het horrengaas vallen. Zorg daarnaast dat het matras goed aansluit en dat er geen ruimte zit tussen het matras en de binnenkant van het huisje.
De bodem van het huisje is vanwege ongedierte dicht. Zorg er daarom voor dat het matras regelmatig wordt geventileerd.
Een draagdoek of draagzak is niet bedoeld als vaste slaapplek. Valt een baby tijdens het dragen in slaap? Let er dan extra goed op dat neus en mond vrij blijven en dat het gezicht zichtbaar is.
Vooral bij premature baby's en baby's jonger dan 4 maanden is extra voorzichtigheid nodig. Zij kunnen onderuitzakken met de kin op de borst, waardoor de ademhaling belemmerd kan worden.
Voor slapen ligt een baby het veiligst op de rug in het eigen bedje.
Veel dragen hoeft geen probleem te zijn. Adviseer ouders wel om de baby regelmatig uit de draagdoek of draagzak te halen, zodat de baby vrij kan bewegen.
Let daarnaast op De 4 van Veilig Dragen: zorg dat neus en mond vrij zijn, voorkom dat de baby het te warm krijgt en ondersteun nek en rug goed. Een draagdoek of draagzak telt daarbij als één extra laag kleding.
Het is daarnaast goed om een baby regelmatig in het eigen bedje te laten slapen. Zo raakt de baby eraan gewend om op verschillende manieren in slaap te vallen. Dat kan later ook praktisch zijn, bijvoorbeeld wanneer een kind naar de kinderopvang gaat en daar in een bedje slaapt.
Producten en hulpmiddelen
Nee. Een babynestje is geen veilige slaapplek. De zachte, kussenachtige randen kunnen de ademhaling belemmeren als een baby er met het gezicht tegenaan komt te liggen.
Dit geldt ook voor babynestjes met een rand van 'ventilerend' materiaal. Laat een baby daarom nooit zonder toezicht in een babynestje slapen.
Ook een voedingskussen is niet geschikt als slaapplek. Het zachte, kussenachtige materiaal kan de ademhaling belemmeren als een baby er met het gezicht tegenaan komt te liggen.
Laat een baby daarom nooit zonder toezicht in een voedingskussen slapen.
Nee. Een baby slaapt het veiligst in een eigen bedje of wieg. Kussens en andere losse materialen horen niet thuis in de slaapomgeving van een baby.
Ook bij een zogenoemd ventilerend matras blijft het advies om een baby op de rug te slapen te leggen. Een product dat als ademend of ventilerend wordt verkocht, maakt buikslapen nog steeds niet veilig. Hier lees je meer informatie.
Nee. Het advies is om het babybedje leeg te houden. Ook een luchtdoorlatende bedomrander voegt materiaal toe waar een baby met het gezicht tegenaan kan komen en minder goed kan ademen.
Er is geen bewijs dat een jonge baby gewoon kan doorademen wanneer mond en neus tegen dit type materiaal aan liggen.
Nee. Hoofdkussentjes horen niet in een babybedje. Een baby kan er met de mond en neus tegenaan komen te liggen, waardoor de ademhaling belemmerd kan worden. Bovendien is niet aangetoond dat deze kussentjes helpen tegen een plat of scheef hoofdje.
Adviseer ouders om in plaats daarvan regelmatig af te wisselen. Leg het hoofdje tijdens het slapen de ene keer naar links en de andere keer naar rechts, wissel van arm tijdens het voeden en laat de baby als deze wakker is regelmatig op de buik liggen onder toezicht.
Tip: baby's kijken graag naar het licht. Maak het bedje daarom regelmatig andersom op en leg de baby steeds in een andere positie in de box.
Nee. Een baby slaapt het veiligst op de rug in een leeg bedje, zonder zijslaapkussens of andere positioneringsproducten.
Ook om een voorkeurshouding of afgeplat hoofdje te voorkomen zijn deze hulpmiddelen niet nodig. Adviseer ouders om veel af te wisselen in houding en de baby regelmatig op de buik te leggen als deze wakker is, altijd onder toezicht.
Tip: baby's kijken graag naar het licht. Maak het bedje daarom regelmatig andersom op en leg de baby steeds in een andere positie in de box.
Waarschijnlijk wordt hiermee de SafeTSleep bedoeld: een slaapwikkel waarbij de baby op de rug of zij wordt vastgelegd in bed. Het vastleggen van een baby in bed wordt in principe afgeraden.
Kinderartsen en fysiotherapeuten kunnen in sommige gevallen toch adviseren om een baby vast te leggen, maar alleen als ouders daarvoor veilige producten gebruiken. Wanneer in een bijzondere situatie de baby toch mag worden vastgelegd, kunnen ouders hiervoor de slaapwikkel gebruiken.
Ja. Het Nunki-lakentje kan veilig worden gebruikt om een baby strak in te stoppen. Het lakentje wordt om het matras bevestigd en kan daardoor niet losraken.
Belangrijk is wel dat het bedje laag wordt opgemaakt, met de voetjes van de baby bij het voeteneinde. Zo kan de baby niet onder het beddengoed zakken.
Een alarmmatje of slaapsensor controleert bijvoorbeeld de ademhaling of hartslag van een baby. Voor een gezonde baby is het niet zinvol om zo'n monitor te gebruiken. Zelfs hoogwaardige medische monitoren hebben geen preventieve werking ten aanzien van wiegendood.
Een monitor kan bovendien onrust en paniek veroorzaken bij een vals alarm. Een reguliere babyfoon of eventueel een webcam is voldoende om toezicht te houden op een gezonde baby.
Nee. Uit onderzoek blijkt dat het schuinleggen van baby's reflux of de symptomen daarvan niet vermindert.
Bovendien kan een baby door het schuin liggen naar beneden zakken en onder het beddengoed terechtkomen, waardoor de baby minder goed kan ademhalen. Daarom adviseren we een anti-refluxkussen niet te gebruiken.
Sommige anti-refluxkussens hebben een wikkel of rolletjes waarmee de baby wordt vastgelegd om schuiven te voorkomen. Het vastleggen van een baby in bed raden we ten sterkste af vanwege het risico op vastdraaien of verstikking.
Wat kunnen ouders wel doen?
- Laat de baby tijdens het voeden niet helemaal plat liggen, maar zoveel mogelijk schuin omhoog.
- Houd de baby het eerste halfuur na een voeding rechtop.
- Ga vlak na het voeden niet te druk met de baby om.
Helpen deze adviezen niet en maken ouders zich zorgen? Adviseer dan om contact op te nemen met de huisarts of het consultatiebureau.
Samen slapen
Ja. Samen slapen in hetzelfde bed verhoogt het risico op onverwacht overlijden, vooral bij jonge baby's. Voor baby's jonger dan 4 maanden en baby's met een geboortegewicht onder 2500 gram zijn de risico's aanzienlijk hoger.
Zo is het risico op wiegendood bij het delen van het bed met een baby jonger dan 4 maanden 3,3 keer zo hoog als wanneer de baby in een eigen bedje slaapt.
Een baby slaapt daarom het veiligst in een eigen wieg, ledikant of co-sleeper op de kamer van de ouders. In het ouderlijk bed kan een baby onder het dekbed terechtkomen, bekneld raken, te warm worden of met het gezicht tegen een kussen of ouder aan komen te liggen.
Een volledig veilige manier om samen met een baby jonger dan 4 maanden in één bed te slapen is er niet. Sommige risico's kunnen worden verkleind, bijvoorbeeld door kussens en dekbedden weg te halen, maar er blijven risico's bestaan. Zo kan een ouder tijdens het slapen tegen de baby aan rollen, kan de baby tegen de ouder aan komen te liggen of kan de baby het te warm krijgen door de warmte van de ouder.
Daarom is het basisadvies richting ouders: een baby jonger dan 4 maanden slaapt het veiligst in een eigen bedje.
Als professional kun je ouders helpen om veilig slapen zo goed mogelijk te combineren met de dagelijkse praktijk. Bespreek bijvoorbeeld hoe ouders nachtvoedingen kunnen organiseren, wat zij kunnen doen wanneer zij erg moe zijn en welke rol een co-sleeper kan spelen. Door aandacht te hebben voor de uitdagingen van de nacht en de behoeften van het gezin, ontstaat ruimte voor een realistisch en ondersteunend gesprek over veilig slapen.
Ouders maken uiteindelijk zelf de keuze hoe zij hun baby laten slapen. Als zij toch samen in één bed willen slapen, is het belangrijk om te bespreken hoe zij de risico's zoveel mogelijk kunnen verkleinen.
Controleer eerst of de baby geen honger, pijn of ander ongemak heeft. Een vast en rustig slaapritueel kan helpen om een baby voor te bereiden op het slapen.
Leg de baby vervolgens slaperig maar wakker in bed en probeer eerst te troosten met je stem of aanraking voordat je de baby oppakt. Zo leert een baby geleidelijk wennen aan het eigen bedje.
Zet het bedje het eerste halfjaar zo dicht mogelijk bij het bed van de ouders. Een geschikte co-sleeper of aanschuifbedje kan helpen om de baby dichtbij te houden in een eigen slaapomgeving.
Probeer eerst te achterhalen of er een lichamelijke oorzaak is voor de onrust, zoals honger, pijn of ongemak.
Bied daarnaast veel rust, voorspelbaarheid en nabijheid, bijvoorbeeld door te knuffelen, dragen of een vast slaapritueel te gebruiken. Leg de baby bij voorkeur slaperig maar wakker in het eigen bedje en probeer eerst te kalmeren met je stem of aanraking voordat je de baby oppakt.
Ook bij baby's die veel behoefte hebben aan nabijheid blijft een eigen bedje of wieg de veiligste slaapplaats. Het kan helpen om de baby dichtbij de ouders te laten slapen, bijvoorbeeld in een geschikte co-sleeper.
Bespreek met ouders dat voeden in bed kan, maar dat het belangrijk is om te voorkomen dat zij tijdens het voeden in slaap vallen. Adviseer bijvoorbeeld om een timer van 10 tot 20 minuten te zetten en een co-sleeper naast het bed te gebruiken, zodat de baby na de voeding makkelijk teruggelegd kan worden.
Bespreek ook wat ouders kunnen doen als ze toch in slaap vallen: houd kussens en het dekbed uit de buurt van de baby en leg de baby niet tussen beide ouders in.
Het uitgangspunt blijft dat de baby na de voeding het veiligst in het eigen bedje slaapt.
Wiegendood
Wiegendood betekent dat een ogenschijnlijk gezonde baby plotseling en onverwacht overlijdt tijdens de slaap. De precieze oorzaak is niet altijd duidelijk, maar we weten wel dat bepaalde omstandigheden het risico vergroten. Zo spelen belemmering van de ademhaling en oververhitting een belangrijke rol.
Wanneer de ademhaling wordt belemmerd, kan een baby niet goed ademhalen doordat het gezichtje ergens tegenaan ligt. Bijvoorbeeld tegen een kussen, hoofdbeschermer, grote knuffel of een ouder bij samen slapen. Oververhitting kan onder andere ontstaan door te warm of losliggend beddengoed, zoals een dekbed.
Uit onderzoek blijkt dat er waarschijnlijk ook een relatie is met het natuurlijke 'wekmechanisme' van een baby. De meeste baby's reageren wanneer ze ergens met hun gezicht tegenaan liggen en daardoor moeilijker kunnen ademhalen, bijvoorbeeld door hun hoofd te draaien of wakker te worden. Waarschijnlijk werkt dit natuurlijke wekmechanisme bij een klein deel van de baby's minder goed.
Daarom is het belangrijk om te voorkomen dat jonge baby's in risicovolle situaties terechtkomen.
Op dit moment kunnen we daar geen betrouwbaar aantal voor noemen. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is verantwoordelijk voor de doodsoorzakenstatistiek. Als gevolg van procedurele wijzigingen is gebleken dat een deel van de doodsoorzaakformulieren ontbreekt bij het CBS.
Daardoor is nog niet duidelijk wat de precieze cijfers over wiegendood zijn en in hoeverre de eerder gemelde stijging klopt.
Het CBS en de Expertisegroep Wiegendood onderzoeken dit verder. Tot daar meer duidelijkheid over is, zijn we terughoudend met het noemen van aantallen. Voor de meest actuele cijfers en informatie over de registratie verwijzen we naar het CBS.
Ja. Oververhitting is een risicofactor voor wiegendood. Voorkom daarom dat een baby te warm gekleed of toegedekt is.
Een slaapkamertemperatuur van ongeveer 16 tot 18 °C is ideaal. Voel bij twijfel met de bovenkant van je vingers aan de achterkant van het nekje. Voelt het nekje lauw aan? Dan is het goed.
Voorlichting en ondersteuning van ouders
De basisadviezen voor veilig slapen zijn voor iedere baby hetzelfde. Tegelijkertijd helpt het om eerst te vragen hoe ouders thuis slapen en welke gewoontes en overtuigingen daarbij een rol spelen.
Bespreek vervolgens zonder oordeel wat de risico's zijn en zoek samen naar een veilige oplossing die in hun situatie haalbaar is.
Ter ondersteuning hebben we De 4 van Veilig Slapen vertaald in 11 talen.
Bespreek met ouders welke hulp beschikbaar is en wat zij nodig hebben. Professionals kunnen voor gezinnen die het financieel moeilijk hebben bijvoorbeeld een babystartpakket aanvragen bij Stichting Babyspullen.
Dit pakket wordt geleverd in een stevige kartonnen wieg, inclusief matrasje en beddengoed, zodat de baby een eigen slaapplek heeft.
Ja. In Finland krijgen alle ouders al tientallen jaren rond de geboorte een babypakket waarvan de verpakking ook als slaapplek kan worden gebruikt.
Sinds september 2025 bestaat zo'n initiatief ook in Nederland. Stichting Babyspullen deelt al jaren babystartpakketten uit aan kwetsbare gezinnen en biedt nu ook het wiegpakket aan. Zodra de spullen uit de verpakking zijn, verandert de doos in een complete wieg met matrasje, beddengoed en kruik.
Ja. VeiligheidNL heeft materialen over De 4 van Veilig Slapen die professionals kunnen gebruiken en met ouders kunnen delen. Je vindt deze materialen op onze website.
Aan de slag
Ga direct aan de slag met ons voorlichtingsaanbod over Veilig Slapen. Voor jezelf én voor ouders. Handig voor jou, leerzaam voor ouders en veilig voor baby's.
Meer over onderwerpen:
Meer voor werkvelden:
Deel deze pagina
Meld je aan voor onze e-mail updates om op de hoogte te blijven.
