Een fietskar is een kleine aanhanger op twee wielen achter de fiets waar één of twee kinderen (tot ongeveer 7 jaar) in kunnen zitten. Een fietskar is een zeer veilig alternatief voor een fiets. De kooiconstructie zorgt ervoor dat bij botsingen met een auto de fietskar wegschuift in plaats van omvalt.
Kooptips
- Zorg ervoor dat uw eigen fiets, waarmee u de kar trekt, veilig is.
- Koop een kar met een brede wielbasis en een laag zwaartepunt.
- Kies een fietskar met een stevige kooiconstructie (is het frame stevig genoeg bij botsingen of kantelen?).
- Kies bij voorkeur een hardplastic schaal als bodem in plaats van een nylon onderkant. Let bij een nylon onderkant of hij niet versleten is (gaten, scheuren, dunne plekken).
- Let bij de aanschaf goed op de spaakafscherming; kunnen kinderen niet met hun handen of voeten bij de spaken komen?
- Als een fietskar omgebouwd kan worden tot wandelwagen, let er dan op of er goede remmen op zitten.
- Kies een fietskar met goede vering.
Gebruiktips
- Zorg voor een goede en stevige koppeling met de fiets; de kar mag niet mee kantelen als de fiets omvalt, zorg voor een koppeling met een extra borging.
- Zorg dat de fietskar goed zichtbaar is, door een felle kleur, goede verlichting, reflectoren aan de zij- en achterkant en een vlaggetje.
- Raak vertrouwd met eigenschappen van de fiets met fietskar, maak een proefrit op een rustige plek.
- Remmen: de fiets kan extra neiging hebben bij remmen te gaan slippen. Maak een aantal noodstoppen met gewicht in de kar, als test.
- Sturen: door de extra lengte is het nodig om ruimere bochten te nemen.
- Extra gewicht: de fiets reageert langzamer bij remmen en optrekken.
- Breedte: de fietskar is breder dan de fiets, let goed op bij smalle doorgangen.
- Lengte: een fiets met fietskar is lang, let op bij vluchtheuvels en oversteken.
- Pas op met hobbels en stoepranden, de fietskar kan dan kantelen.
- Zet uw kinderen altijd goed vast in de kar.
- Ga niet vlak naast een uitlaat staan bij een verkeerslicht, uw kind zit laag in een tentje waarin uitlaatgassen zich kunnen ophopen.
