home | wegwijzer | contact | winkelwagen | RSS

LIS vervolgonderzoek

Een belangrijke bron van ongevalinformatie is het Letsel Informatie Systeem (LIS) van Consument en Veiligheid. Via het LIS is het mogelijk om patiënten die zijn behandeld op de Spoedeisende Hulpafdeling (SEH) van ziekenhuizen, gericht te benaderen voor aanvullende informatie over hun ongeval en letsel. Iets wat met een enquête onder de algemene bevolking vrijwel onmogelijk is vanwege het geringe aantal respondenten dat dan aan de voorwaarden voldoet.

Aanvullende informatie over ongevallen en letsels is gewenst om effectief te kunnen werken aan de preventie van ongevallen, sportblessures en letsel door geweld. Slachtoffers worden bijvoorbeeld gevraagd naar de nauwkeurige toedracht van het ongeval, over factoren die een rol speelden bij het ontstaan van het letsel of over de aard van de verwondingen en de noodzakelijke behandeling of behandelaars. We spreken dan van LIS-vervolgonderzoek.

LIS-vervolgonderzoek wordt uitgevoerd door via het betrokken ziekenhuis een vragenlijst toe te zenden aan de slachtoffers. De anonimiteit van het slachtoffer is daarbij gewaarborgd. Er zijn 2 soorten LIS-vervolgonderzoek: Continu LIS Vervolgonderzoek en Aanvullend LIS Vervolg onderzoek. De informatie die met LIS Vervolgonderzoek wordt verzameld, wordt sinds 1992 vastgelegd in de Etiologische Databank.

Continu LIS Vervolgonderzoek

Het Continu LIS Vervolgonderzoek (CLVO) is een continu uitgevoerd vragenlijstonderzoek onder slachtoffers die op een Spoedeisende Hulpafdeling (SEH-afdeling) van een ziekenhuis zijn behandeld voor letsel als gevolg van een privé-, verkeers- of arbeidsongeval, sportdeelname of geweld. Het onderzoek wordt sinds juni 2002 uitgevoerd door Consument en Veiligheid. Dertien Nederlandse ziekenhuizen werken hier aan mee.

Een random steekproef van slachtoffers uit LIS krijgt twee maanden nadat ze behandeld zijn op de SEH-afdeling van een LIS-ziekenhuis een vragenlijst toegestuurd. Ziekenhuizen versturen de vragenlijsten aan ongeveer 6.000 slachtoffers per jaar. Zij worden willekeurig geselecteerd uit het Letsel Informatie Systeem (LIS) van Consument en Veiligheid. De vragenlijstgegevens uit het CLVO kunnen dankzij de koppeling met LIS geëxtrapoleerd worden naar schattingen op nationaal niveau.

Met behulp van het CLVO worden veel gegevens verzameld over de aard en toedracht van ongevallen en de daarbij ontstane letsels. Ook wordt relevante achtergrondinformatie over het slachtoffer en zijn huishouden verzameld.

Aanvullend LIS Vervolgonderzoek

Naast het continu uitgevoerde vervolgonderzoek, wordt LIS Vervolgonderzoek ook gebruikt om juist van een specifieke groep ongevalslachtoffers meer informatie te verkrijgen. Gebaseerd op de gegevens uit LIS kunnen slachtoffers worden geselecteerd op basis van bijvoorbeeld het type ongeval, het soort verwonding, leeftijdscategorie e.d. Dit gebeurt onder de noemer Aanvullend LIS Vervolgonderzoek (ALVO).

Etiologische Databank

De informatie die met LIS Vervolgonderzoek wordt verzameld, wordt sinds 1992 vastgelegd in de Etiologische Databank. In de databank wordt de ongevalinformatie aangevuld met informatie uit LIS over het slachtoffer zelf, het ongeval en het opgelopen letsel. De slachtoffers geven hierbij zelf een (uitgebreide) beschrijving van het ongeval. De Etiologische Databank is daarom bij uitstek geschikt als kwalitatieve bron van achtergrondinformatie van ongevallen.



Meer informatie